Zonlicht kan een foto verrijken of juist verpesten. Fotograferen tegen de zon is niet altijd makkelijk, maar kan wél mooie effecten opleveren. Hieronder de meest gemaakte fouten bij het fotograferen met veel zonlicht — en hoe je ze voorkomt.
Fotograferen op een zonnige dag met hoogstaande zon
Als de zon hoog in de lucht staat, is het licht hard en schel waardoor foto's vlak of leeg worden. Je kunt wachten tot schaduwen langer worden, of direct in de schaduw fotograferen. Bij een portret kun je de flitser gebruiken om harde, korte schaduwen onder neus en kin lichter te maken — "inflitsen" met een kleiner licht in plaats van de hoofdflitser geeft een natuurlijker resultaat. Ook een wit of zilveren reflectiescherm tegenover de zon kan helpen.
Fotograferen tegen de zon in
Fotograferen tegen de zon in hoeft niet verkeerd te zijn, als je maar weet wat je doet. De zon geeft zoveel licht dat een foto snel overbelicht raakt, met witte vlekken zonder contrast — soms gewenst voor een speciaal effect, meestal niet. Tegenlicht kan wel dromerige foto's opleveren; het is vooral een kwestie van veel oefenen.
Op het verkeerde tijdstip fotograferen
Het tijdstip waarop je fotografeert is erg belangrijk voor de sfeer van je foto's. Vlak na zonsopkomst en vlak voor zonsondergang is het licht het mooist: zacht en romantisch. Ook kort na zonsondergang kun je nog mooi fotograferen.
Bewaar je mooiste foto's
Fotograferen met veel zonlicht blijft een uitdaging, maar met deze tips lukt het steeds beter. Doe daarna iets moois met je foto's, zoals een fotoslinger maken.